De Keuken Kliekjes

Scheurbuik

 

Deze tekst is gepubliceerd in de Volkskrant van 11 februari 1998
Charles Robert Darwin was nog jong toen hij in 1831 aan boord stapte van de Beagle; hij was op 12 februari van dat jaar 22 geworden. De 26-jarige kapitein had hem aangezocht als 'gezelschapsheer'. In die tijd was het in de Engelse zeevaart gebruikelijk dat de kapitein geen sociaal contact had met zijn ondergeschikten. Om te voorkomen dat hij dezelfde weg zou gaan als zijn voorganger - de vorige kapitein van de Beagle had zelfmoord gepleegd - zocht de jonge FitzRoy een tafel- en gesprekspartner van goede komaf.

Darwin voldeed aan die eis; zijn vader was een welgesteld arts. Daarnaast was Darwin lid van de Glutton Club (de club der veelvraten) en was hij door zijn vrolijke aard populair bij vrienden. Bovendien had Darwin interesse in biologie en geologie, dat goed van pas kon komen in de expeditie die FitzRoy voor ogen stond. De bijbelvaste FitzRoy wilde op deze reis materiaal verzamelen om het boek Genesis te bewijzen en Darwin was bereid daar aan mee te werken. Hij vermoedde niet dat juist deze reis de bewijzen zou leveren die hem tot de evolutietheorie zouden leiden.

Tijdens de reizen met de Beagle ontdekte Darwin namelijk zoveel dat in tegenspraak was met de bijbel, dat hij hevig begon te twijfelen. FitzRoy daarentegen bleef volharden in zijn geloof en dat dreef de mannen uit elkaar. Eenmaal terug in Engeland hebben de mannen elkaar zelden meer ontmoet. Na lang uitstel - hij kon er zijn reputatie als jonge onderzoeker mee schaden - schreef Darwin pas in 1859 zijn meesterwerk On the origin of species by means of natural selection, waarin hij zijn theorie over het ontstaan der soorten uiteenzet. Hij gebruikt daarin de term survival of the fittest, waarmee hij bedoelt dat het meest aangepaste organisme de grootste overlevingskansen heeft.

Over het eten aan boord van de Beagle is het een en ander bekend. Zo werd om acht uur ontbeten, om een uur een lunch gebruikt van rijst, erwten, brood en water en om vijf uur een maaltijd met vlees en ingemaakte groenten, gedroogde appels en citroensap - dit om scheurbuik te voorkomen. Darwin hield van vissen en jagen en vulde daarmee de scheepsmaaltijden aan. Voor het kerstdiner van 1833 schoot hij een guanaco van 75 kilo; volop vlees voor de gehele bemanning. In Australie ging hij een dag op kangeroejacht, evenwel zonder er zelfs maar een te zien.

Een recept tegen scheurbuik

Snij een venkelstronk in dunne plakjes, kook ze met wat zout en peper gaar in 5 minuten en laat ze uitlekken. Doe in een sauspan 1 1/2 dl witte wijn, de schil en het sap van een sinaasappel en laat het sudderen tot de helft van de vloeistof verdampd is. Doe de venkel in een wijde, ingevette ovenschaal en leg er 4 moten zalm bovenop. Strooi er zout en peper over en een paar klontjes boter. Giet het wijnmengsel over de vis en bedek de schaal met een deksel of aluminiumfolie. Bak de vis in een voorgewarmde oven op 180 in 20 minuten gaar. Serveer dit gerecht met gebakken krielaardappeltjes en een salade.

Elsje de Ruijter
  • Deegwaren
  • Eetbare verpakking
  • Elsevier Thema
  • Kaas
  • Kerstpakketten
  • Lekker eten
  • Podane
  • Roald Dahl
  • Robinson Crusoe
  • Scheurbuik
  • Simmer 2000
  • Stillevens
  • Streekproducten
  • Tao
  • Tip Culinair
  • Verpakking (1)
  • Verpakking (2)
  • Voor de bakker
  • Walden
  • Weet wat je eet
  • Wereldrecords
  • Wokken
  • Wounded Knee
  • Zivilschutz
  •   Top